Lotus Elise ECE

8 februari 2010

 

Het is groen en snel…

Rara, wat is het? Dit klinkt als een flauwe grap, maar het is de pure waarheid. Zogenaamde groene auto’s hebben de naam om energiezuinig te zijn, maar hebben als nadeel dat je – als autoliefhebber – een beetje teleurgesteld wordt wat betreft rijplezier. Hybrideauto’s zoals de Toyota Prius of de Honda Insight hebben natuurlijk zo hun voordelen. Het benzineverbruik wordt enigszins gereduceerd, net als de CO2 uitstoot, maar je blijft bij het tankstation gewoon afrekenen voor dure benzine. De elektromotor is immers feitelijk niets meer dan een ondersteuning voor de normale motor. Plug-in hybriden zijn in aantocht en lijken het binnenkort over te nemen van de hybrideauto’s zoals wij die nu kennen. Denk aan een upgrade van de Toyota Prius, die bij korte ritten geheel elektrisch zal rijden. Echter, dan zit je nog steeds met een relatief trage auto in je maag.

Lotus Elise ECE

Green Mobility gaat verder, zij laat aan heel Nederland zien dat een milieuvriendelijke en emissievrije auto daadwerkelijk hand in hand kan gaan met snelheid en rijplezier. De auto die hier verantwoordelijk voor is, is de Lotus Elise ECE. Zoals gezegd, hij is groen en snel. Is een elektrisch aangedreven Lotus het ontbrekende stukje in de milieuvriendelijke mobiliteitspuzzel?

 

Donor

De Nederlandse firma Electric Cars Europe is verantwoordelijk voor het leveren van deze milieuvriendelijke Lotus aan Green Mobility - je kunt een slechtere donorauto treffen. Aan zijn uiterlijk zie je het vrijwel niet. Het zijn de stickers die opvallen, maar afgezien daarvan is het enkel de uitlaat die daadwerkelijk ontbreekt. Dat wil niet zeggen dat je incognito kunt gaan rondrijden, want hoewel dit type Lotus Elise al bijna tien jaar op de markt is blijft het een aandachtstrekker. Met zijn lage en brede koets straalt de Lotus één en al kracht uit. Die kracht is normaal gesproken afkomstig van een conventionele verbrandingsmotor van Toyota. De 1.8 VVTL-i benzinemotor is echter volledig verdwenen en tezamen met de brandstoftank ingeruild voor een accupakket en elektromotor. Indien je de motorkap achter open trekt zul je enkel een zwarte plastic kap zien. De lithium-ion accu’s zorgen voor gewichtsverhoging, maar aangezien de – evenmin lichte - motor verwijderd is leidt dit tot slechts 100 kilogram aan extra massa. Hierdoor blijft het gewicht net onder de 1000kg, lekker laag en passend bij een sportieveling als de Elise.

Lotus Elise ECE

Echter, de Lotus Elise ECE zorgt geruisloos voor nóg betere prestaties. Het vermogen is namelijk gestegen van 192pk naar 150kW, omgerekend is dat 204pk! Hierdoor zou de Elise ECE in 4,7 seconden de 100 km/u moeten aantikken, in plaats van de 5,2 seconden die de benzineversie nodig heeft. De topsnelheid ligt met 215 km/u lager dan bij de ‘gewone’ Elise, maar dat is een bewuste keuze geweest. Sowieso voelt 120 km/u al aan alsof je 180 rijdt, dus voor het snelheidsgevoel maakt het niet zo gek veel uit. Het is niet dat de Elise ECE niet harder zou kunnen. De Lotus beschikt over vier versnellingen, twee minder dan gebruikelijk en de reden is kristalhelder. Met een vijfde en zesde versnelling zou de Elise ECE in theorie ruim de 300 km/u voorbij razen - ontzettend leuk in een Ferrari, maar levengevaarlijk in de Lotus.

Lotus Elise ECE

 

Worsteling

Wanneer ik direct naast de Elise sta en het kleine portier open trek, kijk ik, met mijn lengte van iets boven de één meter negentig, tegen de brede dorpel aan en vraag me af hoe ik hier ooit in ga passen. Allereerst ga ik met het rechterbeen over de dorpel heen en klim ik op een bijna beschamende manier de Lotus in. Uiteindelijk zak ik diep in het met leer beklede kuipstoeltje, waarbij je voor je gevoel praktisch op de grond zit. Het kleine kuipstoeltje is spijkerhard, maar biedt lekker veel steun. Het dashboard is onbetwist spartaans te noemen. Speciaal voor de ECE hangt een digitaal scherm onder de middenconsole die aangeeft hoelang je nog kunt rijden, voordat de accu’s leeg zijn. Voor de rest komt het exact overeen met een standaard Elise. Een radio, elektrische ramen en een verwarming zitten er in, maar dan heb je het wel zo’n beetje gehad. De stoelen zijn minimaal verstelbaar, zo ook het sportstuur. Het afneembare stoffen dakje is eigenlijk zijn grootste bijzonderheid, of ja, zeiltje is treffender. Hoewel het licht regent en de temperatuur alles behalve lekker is, gaat het dak de – redelijk bruikbare - kofferruimte in. Het is namelijk met het dak erop behoorlijk knus, of beter gezegd ronduit krap te noemen. De hoofdruimte houdt niet echt over.

Lotus Elise ECE

 

Zoom-zoom

Koppeling in, sleutel omdraaien, startknop indrukken, de pook in de eerste versnelling zetten en… koppeling loslaten. Omdat de Elise ECE geen stationair toerental kent kun je ‘m niet op de koppeling laten wegrollen. Pas wanneer je het gaspedaal indrukt, komt de Elise van zijn plek. Het is alleen lastig te beoordelen wanneer je moet overschakelen naar de tweede versnelling, aangezien de toerenteller niet werkt. Overschakelen gaat dan ook puur op gevoel en gehoor. In plaats van een grommende viercilinder achter je, hoor je enkel een zoemend geluid afkomstig van de elektromotor. Hoe harder je rijdt des te hoger de toon. Omdat gevoelige onderdelen van een verbrandingsmotor ontbreken, is rustig opwarmen van de motor dan ook niet nodig. Toch wel handig als je haast zou hebben en niet je kwetsbare verbrandingsmotor wil overbelasten. Wanneer het gaspedaal wordt gevloerd volgt een enorme trekkracht die zijn weerga niet kent. Met een rotgang schiet de Elise er vandoor en beschikt over een opmerkelijk lineaire vermogensopbouw. Het optrekken heeft qua geluid wat weg van een accelererende trein, maar dan één die je een flinke duw in de rug geeft. De slogan van Mazda, zoom-zoom, lijkt beter bij deze Lotus te passen. Hiermee zoom je daadwerkelijk over de wegen. Heel apart. Het ontbreken van een ronkend geluid afkomstig van het Toyota Celica-blok moet je voor lief nemen. Even patsen met je motorgeluid is er niet meer bij. Je hebt meer bekijks als je geparkeerd staat dan wanneer je langs een universiteit scheurt om aandacht te krijgen van de jongelui. De elektromotor klinkt nog best aardig en bijzonder, maar persoonlijk mis ik het geluid van een lekkere benzinemotor.

Lotus Elise ECE

 

Gewenning

Niet alleen het geluid van de motor is even wennen, het overschakelen gaat ook net wat anders dan normaal. In tegenstelling tot een conventionele auto houden de koppelingsplaten er totaal niet van als je per abuis toch het gaspedaal licht indrukt, wat te wijten is aan zijn gigantische koppel. Doe je dit toch, dan is een ‘stinkende’ koppeling het gevolg of zelfs een afslaande motor. Indien je in de toerenbegrenzer komt wil hij zo nu en dan nog wel eens hetzelfde doen. Opletten dus!

Van gas geven en tegelijkertijd de koppeling bedienen is dus geen sprake, het is dan ook van belang dat je het gaspedaal volledig loslaat wil je daarna met de koppeling overschakelen. Koppeling in, de pook gaat in z’n twee, koppeling op laten komen en pas daarna kun je het ‘gas’pedaal weer vloeren. De 0 tot 100 sprint onder de vijf seconden behalen is nog een flinke klus, omdat je niet, zoals in een normale auto, vlug kunt overschakelen. Dat moet met beleid en kost daardoor stiekem nog best veel tijd. Waarom beschikt deze Elise dan over een handbak zou je denken? Een automaat, waar de elektrische Tesla over beschikt, lijkt dan een betere optie, nietwaar? Dat klopt, maar vergeet niet dat het om een relatief simpele bouwkit gaat en de Elise niet een speciaal gebouwde en ontwikkelde auto is om uitsluitend elektrisch te rijden. Toch biedt de handbak iets extra’s, je kunt namelijk net zo makkelijk de bak van de Elise gedurende een rit in de derde versnelling laten staan, of welke versnelling je ook maar wil. De overbrenging bepaalt je acceleratie. Afslaan kan de motor immers niet, voor een verkeerslicht hoef je niet te koppelen, en door de elektromotor heb je nooit een tekort aan kracht. Schakelen is daardoor redelijk overbodig. De vier versnellingen zijn vooral voor de sensatie. Voor een snelle sprint heb je de lage versnellingen sowieso wel nodig.

Lotus Elise ECE

Voor een rustige, bedaarde rit in de open Lotus zou je dus enkel het rem en- gaspedaal hoeven te gebruiken. Toch heb ik mij er meermaals op betrapt dat ik wilde overschakelen, terwijl het niet nodig bleek te zijn – kwestie van gewoonte dunkt mij. Daarbij rij ik wel in een Elise, een auto die in één adem genoemd kan worden met andere karts voor op de openbare weg, zoals broertje Opel Speedster of de indirect afgeleide Donkervoort. Met het bijna kunnen aanraken van de grond voel je elk takje en bultje op de weg, comfort is dan ook ver te zoeken. De keerzijde van het strakke onderstel is dat de kleine Lotus bij een ruw wegdek wel eens wil gaan stuiteren. Desalniettemin vergroot dit wel de sensatie, dit is het pure rijden. De Elise ligt ontzettend strak op de weg en het gebrek aan isolatie vergroot het snelheidsgevoel - van alle kanten hoor je wind- en bandengeruis. De onbekrachtigde besturing zorgt voor een oldskool stuurgedrag, die spierkracht vereist. Met een wielbasis van 2 meter 30, iets korter dan de Mazda MX-5, kun je de Elise prachtig in een bocht plaatsen en heb je alle controle. Met uiterste precisie knalt ‘ie een bocht in en pas als je echt teveel ‘gas’ gaat geven wil de achterkant nog wel eens glijden. Je moet ‘m er wel echt toe zetten, want de hoeveelheid grip is uitmuntend. Het motorgeluid schittert door afwezigheid, maar de gigantische duw in je rug verlicht enigszins dat gemis.

Lotus Elise ECE

 

Zuiver geweten

Ondanks de andere rijgeluiden en het gebrek aan comfort is de algehele rijervaring bijzonder positief. Vooral als we na enkele uren de autosleutels inleveren en beseffen dat we net hartstikke goedkoop en milieuverantwoord hebben gereden – en dat met een Lotus! De Elise ECE stoot geen enkele gram CO2 uit en is in de praktijk nog goed inzetbaar ook. De actieradius lijkt met plusminus 200km een probleem, wanneer je veel kilometers maakt. Het is niet mogelijk om in één stuk door te rijden naar Zuid-Frankrijk, dat is nou eenmaal de realiteit. Ook opladen is op dit moment nog tijdrovend, dit duurt al gauw 10 uur met 16 Ampère (stopcontact thuis) of 3 uur met 25 Ampère. Even in een kwartiertje bijladen zal wellicht in de toekomst mogelijk gaan worden, maar voor nu zijn lange laadtijden de realiteit. Dat neemt niet weg dat de potentie van de Elise ECE interessant te noemen is. Zo’n 200 kilometer rijden met een Lotus Elise is een flink afstandje en na een uur of twee heb je al een gigantisch leuke tijd achter de rug. En in ons geval kon de accu nog wel een tijdje door. De actieradius is dan ook sterk afhankelijk van je rijgedrag/snelheid. De Elise is niet bepaald een auto voor woon-werkverkeer, maar wel om eens goed los te gaan in je vrije tijd. In zo’n elektrisch aangedreven Lotus kun je een hoop rijplezier beleven met een zuiver geweten – je spaart immers het milieu.

Lotus Elise ECE

Maar wat doet dit precies met de portemonnee? Je kunt niet om de aanschafprijs van de Elise heen, met een prijs van meer dan een ton (exclusief BTW) is het een duur apparaat – ruim 56.000 euro duurder dan de Elise R waar die op is gebaseerd. Echter, je bespaart een hoop geld op onderhoud, aangezien een elektromotor uit slechts één spoel bestaat die tussen twee elektromagneten beweegt en een benzinemotor uit honderden kwetsbare en slijtagegevoelige onderdelen. Daarbij hoef je nooit meer dure brandstof te tanken, maar slechts de auto aan de lader zetten. De kosten van het opladen zijn uitzonderlijk laag. Ongeveer 4 eurocent per kilometer, dus voor nog geen 10 euro kun je weer zo’n 200 kilometer op pad. Andere financiële voordelen zijn de vrijstelling van BPM en wegenbelasting, en voor de zakelijke rijder geen bijtelling. Genoeg voordelen dus, maar helemaal waterdicht is het niet. Thuis opladen aan de stekker klinkt logisch en makkelijk, maar zonder oplaadpunten verspreidt over heel Nederland blijft er een beperking. Op dit moment ontbreekt de juiste infrastructuur voor elektrische auto’s, maar daar wordt – volgens de regering – hard aan gewerkt.

Lotus Elise ECE

 

Emissievrij rijplezier

Met de Lotus Elise ECE van Green Mobility kunnen we wel concluderen dat je met een emissievrije en ecologisch verantwoorde auto een hoop plezier kunt hebben. En dat was toch het idee achter deze Elise ECE. Een sportief motorgeluid moeten we helaas missen, maar het enorme koppel zorgt wel voor een hoop sensatie en tot op heden voor iets unieks. Dit maakt de Lotus Elise ECE de ultieme groene kart met kentekenbewijs. De puzzel lijkt zowaar compleet, je levert geen vermogen in en de Lotus rijdt nog steeds formidabel. Een verre reis maken is vooralsnog een probleem, net als het overal (snel) kunnen bijladen, maar daar wordt hard aan gewerkt. Op dit moment kun je in ieder geval met de Lotus voldoende plezierritjes maken en genieten van emissievrij rijplezier…

Lotus Elise ECE

 

Auteur en fotografie: Anton van der Wulp

 

 

Deze test is mede mogelijk gemaakt door:

Green Mobility
http://www.greenmobility.nl

 

Motor en techniek:

Elektromotor
150 kW (204 pk)
n.b.
Stroom - Lithium-ion accu
Achterwielen
4 v, handgeschakeld

 

Maten en gewichten:

975 kg
112 l

 

Prestaties:

215 km/u
4,7 s

 

Verbruik:

Minder dan € 0,04/km.
0 g/km

 

 

Prijzen:

€ 108.195 excl. BTW
n.b.

 

Energielabel